
Wanneer iemand slachtoffer wordt van opzettelijke gewelddaden – zoals een gewapende overval, aanranding of zinloos geweld – blijft de impact zelden beperkt tot lichamelijke schade. Ook psychologische en financiële gevolgen wegen zwaar door.
Daarnaast kunnen ook occasionele redders, burgers die spontaan ingrijpen om anderen te helpen en daarbij zelf schade oplopen, in een kwetsbare positie terecht komen.
Niet in alle gevallen kunnen slachtoffers of hun nabestaanden een schadevergoeding bekomen via de dader, een verzekering of een andere instantie.
Om slachtoffers in dergelijke situaties toch te ondersteunen, werd de Commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan occasionele redders, vaak kortweg het slachtofferfonds genoemd, opgericht.
In deze blogpost leggen we helder uit wat de Commissie doet, wie er beroep op kan doen, welke schade wordt vergoed en hoe de procedure verloopt.
De Commissie is een federale instantie binnen de FOD Justitie en werd opgericht in 1985 om slachtoffers een laatste vangnet te bieden wanneer er geen of onvoldoende schadevergoeding mogelijk is via andere kanalen.
Het gaat om een subsidiaire tussenkomst:
Er zijn twee grote categorieën personen die een aanvraag kunnen indienen:
Iedereen die rechtstreeks schade lijdt ten gevolge van een opzettelijk geweldsmisdrijf kan een aanvraag indienen Dat omvat onder meer:
De wet voorziet ook in bescherming voor burgers die tussenkomen om iemand te helpen en daarbij zelf ook lichamelijke of psychische schade hebben geleden.
Enkele voorbeelden:
De ratio achter deze bijkomende categorie is dat de overheid burgerzin wil aanmoedigen en ondersteunen, zodat mensen die spontaan ingrijpen niet in de kou blijven staan.
De Commissie kan zowel materiële als immateriële schade vergoeden.
De kan onder meer gaan om:
Belangrijke beperking:
Zuiver materiële schade zoals beschadigde kledij, gsm of auto wordt niet vergoed tenzij die schade rechtstreeks verband houdt met lichamelijk of psychisch letsel.
Het wettelijk maximumbedrag van de financiële hulp bedraagt momenteel 125.000 euro.
Belangrijk om te onthouden is dat de Commissie geen volledige schadevergoeding toekent, maar een financiële tegemoetkoming. Het gaat dus om een vorm van solidariteit, niet om een juridisch afdwingbaar recht op volledige vergoeding.
Om in aanmerking te komen, moeten volgende strikte voorwaarden vervuld zijn:
Belangrijk is dat het misdrijf opzettelijk moet zijn gepleegd. Ongevallen of gevallen van nalatigheid vallen daar niet onder, waardoor slachtoffers in deze gevallen geen beroep kunnen doen op de Commissie.
Het slachtoffer moet kunnen aantonen dat de schade niet (volledig) verhaald kon worden op de dader, de verzekeraar of een andere instantie.
Bijvoorbeeld omdat de dader onbekend, onvermogend of insolvabel is.
Niet elk letsel of elke schade volstaat. De Commissie komt in de eerste plaats tussen bij ernstige lichamelijke of psychische schade of bij overlijden.
De gewelddaad moet in principe in België hebben plaatsgevonden of het slachtoffer moet een voldoende nauwe band hebben met België.
Daarnaast geldt dat er een strafprocedure moet zijn opgestart of dat het Openbaar Ministerie minstens een onderzoek heeft gevoerd. Een strafrechtelijke veroordeling van de dader is daarbij niet altijd vereist.
Het aanvragen van hulp bij de Commissie verloopt in verschillende stappen die men moet doorlopen alvorens een mogelijke vergoeding te verkrijgen:
Een uitgebreid verzoekschrift met alle relevante bewijsstukken zoals medische attesten, verslagen, facturen en eventueel het strafdossier moet worden ingediend.
Een gespecialiseerde advocaat kan hierbij nuttig zijn om alle procedurele vereisten in orde te brengen.
De Commissie onderzoekt of alle wettelijke voorwaarden vervuld zijn en kan eventueel bijkomende informatie opvragen.
Na een grondige analyse beslist de Commissie of er financiële hulp wordt toegekend, en indien dat het geval is, welk bedrag wordt uitgekeerd.
De procedure verloopt meestal schriftelijk, maar het slachtoffer kan wel aangeven dat hij of zij door de Commissie wenst te worden gehoord.
Indien hulp word toegekend, betaalt de Belgische Staat het bedrag uit.
De Commissie wordt gefinancierd via vaste bijdragen die veroordeelden moeten betalen. Op basis van artikel 29 van de Wet van 1 augustus 1985 spreekt de Rechter bij iedere veroordeling tot een criminele of correctionele hoofdstraf namelijk de verplichting uit een bedrag van 200 euro (inclusief opdeciemen) te betalen als bijdrage.
De Commissie voor financiële hulp aan slachtoffers van opzettelijke gewelddaden en aan occasionele redders vormt een uniek solidariteitsmechanisme. Ze biedt een waardevolle vangnetfunctie voor slachtoffers en heldhaftige burgers die schade lijden door geweld, zeker wanneer de dader onbekend, onvermogend is of weigert te betalen. Dankzij de Commissie blijven zij niet aan hun lot overgelaten en krijgen ze alsnog erkenning en financiële ondersteuning.
Bent u slachtoffer van opzettelijk geweld, of liep u een letsel op tijdens een reddingsactie? Dan kunt u, mits de voorwaarden vervuld zijn, een beroep doen op deze Commissie. In een samenleving waarin geweld helaas niet altijd te vermijden is, biedt de Commissie een concrete garantie dat solidariteit meer is dan een hol begrip.
Heeft u nog vragen of wenst u bijkomende informatie over het indienen van een verzoekschrift bij de Commissie? Ons team Strafrecht en aansprakelijkheden van Reyns Advocaten beschikt over ruime expertise in deze materie staat klaar om u zorgvuldig te adviseren en begeleiden – van het beoordelen van uw dossier tot het indienen van een volledig en overtuigend verzoekschrift. Neem vandaag nog contact op voor persoonlijk advies.